Roosje Verschoor

‘Bending Benchmarks’

Dit is Moengo, Suriname. Gebouwd door het mijnbouwbedrijf Suralco, dat het stadje achterliet in 2014, nadat de mijn was uitgeput. Toen Suralco Moengo creëerde, waren de huizen modern en comfortabel, maar niet voor iedereen. Moengo was zeer gescheiden. Witte managers woonden in villa’s in ‘Stafdorp’. Verboden voor arbeiders, die in de ‘Creoolse en Javaanse buurt’ leefden. Suralco zorgde ook voor ontspanningsplekken exclusief voor de staf van Suralco: het motel, de tennisbaan, de sociëteitsclub Casa Blanca en het Beatrix Theater.

Deze verlaten plekken zijn een herinnering aan Moengo’s rijke verleden. Hun verval is een teken van hoe Suralco vertrok, maar ook hoe met Suralco de segregatie verdween. De foto’s brengen de plekken tijdelijk tot leven. In Motel 1234 houden drie jongens een kussengevecht; een verbeelding van de strijd om iets te verdienen in een post-industrieel stadje. Tennisballen die op de baan vallen symboliseren Moengo’s overgang. De visser in Casa Blanca laat zien dat de schoonheid achtergelaten door Suralco nutteloos is als het gaat om levensbehoud. In het theater laat de vrolijkheid van drie jongens ons zien dat het leven doorgaat. We worden niet altijd gedefinieerd door onze omgeving.